afstandhouder
 

 

Beryl Bryden - The Queen of the washboard

Mijn eerste ervaring met zangeres Beryl Bryden was via de grammofoonplaat, een opname van de Down Town Jazzband uit 1955. Twee nummers werden opgenomen: Mama dont allow it en lve got what it takes, een 78-toerenplaat, die ik grijsgedraaid heb. Het was voor mij duidelijk, een jazz-zangeres van grote klasse, die net als Otillie Patterson en Neva Raphaella terug ging naar de roots van de jazzmuziek. De geboortedatum van Beryl is enigszins duister, maar een klein rekensommetje maakt duidelijk dat het in 1921 moet zijn geweest in Norwich, Norfolk, England. Zij raakte als stenografe/typiste van de plaatselijk jazzclub in die muziek geïnteresseerd en bleef daar haar hele leven trouw aan. Haar organisatietalent werd in die plaatselijke jazzclub duidelijk en met deze ervaring ging ze eind dertiger jaren naar Cambridge, waar ze ook weer in een jazzclub verzeild raakte. Haar eerste vocale bijdragen aan de jazz werden daar in die club gedaan en zij zou uitgroeien tot Number One jazzsinger of Europe. Hoe de jazz in de oorlogsjaren zich in Engeland ontwikkelde, is moeilijk te zeggen, maar in het boek van Jim Godbolt All this and many a dog wordt Beryl genoemd met een optreden in een openbare jamsession in St. Johns Wood in 1941. We mogen dus aannemen, dat de latere populariteit van deze muziek toen nog sluimerde. Na de oorlog verhuisde ze naar Londen, waar ze als secretaresse voor een aantal muziekuitgeverijen ging werken (Esquire en Melodisc). Afwisselend ging ze overdag werken en s avonds zingen in clubs bij verschillende orkesten. Bekende namen passeerden de revue: George Webb Dixielanders in 1946, John Haims Jelly Roll Kings, Freddy Randall, Cy Laurie etc.

Queen of the washboard

De twee bezoeken van de Graeme BelI Jazzband aan Engeland, waar ze verschillende malen mee optrad, waren aanleiding om zich te specialiseren op het washboard. Het zou haar latere visitekaartje worden, zon mini-dingetje, waar je eigenlijk geen was op kunt doen, maar dat Beryl meesterlijk wist te bespelen. Zij had een tijdje haar eigen orkest (Beryls Backroom Boys) en het werd een drukke tijd voor haar: televisie, radio en de platenstudio vergden veel tijd. In 1952 ontmoette ze in Londen de Franse klarinettist Maxim Saury, die haar een vast contract aanbood om in Parijs te komen zingen. Het was voor haar aanleiding haar vaste baan op te geven en het glibberige vak van jazzsinger te gaan uitoefenen. In de Vieux Colombier Club Paris zong ze drie maanden met Sidney Bechet. Inmiddels kreeg zij zoveel aanbiedingen om in Parijs te blijven zingen, dat ze er nog een tijdje bleef hangen. Ze zong in Les Trois Mallets en andere jazzclubs in Parijs, waar ze in contact kwam met bezoekende Amerikaanse jazzmensen, Lil Hardin-Armstrong, Billie Holliday en Mary Lou Williams (waarmee zij de platenstudio in ging). In de Olympia had ze een optreden samen het orkest van Lionel Hampton.

Rock Island Line

Terug in Londen ging ze meteen de platenstudio in om met Lonnie Donnegans Skiffle Group een van de bekendste skifflenummers op te nemen: The Rock Island Line! John Henry. Ze is dan uitsluitend op washboard te horen. Een live optreden met de Tremble Kids uit Zwitserland. Tijdens de Trad-boom was er zoveel werk op radio, TV en met plaatopnamen, dat ze het nauwelijks aankon. Er werd opgetreden met de bekende namen: Acker Bilk, Kenny Bali, Terrry Lightfoot etc. Tijdens het Antibes Jazzfestival in 1960 begon ze aan een langdurige gig aan de Franse Rivièra en trad op in clubs als Maxims, Vieux Colombier en de diverse casinos. In 1962 werd ze door het muziek- blad Melody Maker uitgeroepen tot de meest populaire jazz-zangeres van dat jaar. Natuurlijk, de opkomst van Beatlemania en als gevolg daarvan het gebrek aan werk in de jazz, was ook voor haar desastreus, maar zij ging niet bij de pakken neerzitten.

Beryl around the world

In 1963 ging ze naar het luxueuze Mandarin Hotel in Hong Kong en bleef een tijdje in het verre Oosten hangen. Zij ging optreden op de Filippijnen en Singapore. Daarna volgde een tournee door Senegal, Liberia, Ghana en Nigeria. Terug in Europa ging ze naar Praag om daar in 1966 opnamen te maken met Dr. Camra’s Prague Dixieland Band. Terug in Nederland, werden er met Jan Burgers New Orleans Syncopators in het Bavohuis, Amsterdam op 20 november 1967 een hele serie Jazzclassics opgenomen. Wie kent ze niet? In 1970 ging ze voor de eerste maal naar de U.S.A. en in 1971/72 naar Australië om het contact met haar oude vriend Graeme Beu weer op te nemen. De eerste keer dat Beryl naar New Orleans ging was in 1973 en bezocht ze het jazzfestival aldaar. Als ereburgeres ontving ze de sleutel van de stad. Met de Franse cineast Jean-Christophe Averti maakte ze veel jazz-producties, waarvan een (The story of the Original Dixieland Jassband) een T.V.-Oscar in de wacht sleepte. Tijdens het jazzfestival van Breda in 1973 merkte Reginald Grueters, toentertijd klarinettist van de Animal Crackers, dat optreden met Beryl niet helemaal zonder risico was. De Animal Crackers hadden een avondvullend programma in Cate Van Ham. Beryl vroeg om een paar nummers mee te mogen zingen. Bij het intro van Some of these days zwaaide ze zo enthousiast met haar armen, dat ze niet in de gaten had dat zij het uiteinde van de klarinet van Ré raakte. Het mondstuk sloeg door zijn gehemelte en met een mond vol bloed moest hij afhaken. In december 1975 werd ze gekozen tot Musician of the Year door de B.B.C. Jazz Society. Inmiddels had ze voor veel beroemde personen, inclusief royalty, opgetreden en zij bleef een veel gevraagde artieste. De jazzfestivals rezen als paddestoelen uit de grond en op de meeste was ze als gastsoliste aanwezig; vaak ging ze ook met die optredende orkesten de platenstudio in. Gerard Bielderman publiceerde in 1983 zijn eerste discografie over Beryl, die inmiddels al weer verouderd is. Ook op het Enkhuizer Jazzfestival heeft ze met de Revival Jazzband opgetreden. Op pagina 74 van het prachtige boek 25 jaar Enkhuizer Jazzfestival vinden we van haar een foto. Tijdens het jubileumconcert van 35 jaar Dutch Swing College Band op 30 mei 1980 neemt Beryl de plaats in van Neva Raphaella om de top-hit van de DSC-band Doctor Jazz te vertolken. Haar laatste wapenfeit was een CD met de Igor Bourco Uralski Jazzmen, opgenomen in maart 1997 in Wormerveer. Samen met oudgediende Nat Gonella zong ze nog een aantal van haar oude nummers op de haar bekende enthousiaste manier.

Final curtain

Begin 1998 wordt Beryl Bryden in het ziekenhuis opgenomen, waar ze op 14 juli1998 is overleden. De Queen of the Washboard werd op 22 juli in stilte gecremeerd. Op 2 september werd in St Marys Church een herdenkingsdienst gehouden met aansluitend een jamsession in de 100-Club, Londen.

 

Wim Keller


 

© 2009-2011 Wim keller.nl

All rights reserved worldwide.